Hand in hand met robots het nieuwe tijdperk in

14 mei 2018

“De huidige krapte op de arbeidsmarkt is een inhaalslag. We moeten uitkijken dit structureel te noemen. Natuurlijk is het problematisch voor bedrijven die mensen nodig hebben. Die komen nu eenmaal niet uit de lucht vallen. We ervaren dat we ten tijde van de crisis hebben nagelaten om contra cyclisch op te leiden.”

We spreken Ton Wilthagen, hoogleraar Institutioneel-juridische aspecten van de arbeidsmarkt aan de Tilburg University en oprichter van onderzoeksinstituut ReflecT van dezelfde universiteit. Daags voor het interview publiceert het CBS cijfers waaruit blijkt dat er voor het eerst sinds 2008 weer sprake is van een gespannen arbeidsmarkt.

 

Competenties in beeld

Wilthagen wijst op de paradox op de huidige arbeidsmarkt, waarop 1,7 miljoen mensen graag willen werken en bedrijven desondanks geen mensen kunnen vinden. “Dit is voor een deel een gevolg van het feit dat we in Nederland weinig inzicht hebben in het menselijk kapitaal. We matchen op werkervaring en niet op competenties. Op die manier blijven mensen buiten beeld. Dit in tegenstelling tot landen als België en Frankrijk die nadrukkelijker op competenties zijn gericht. Een andere reden om meer op competenties in te zetten, is het gegeven dat functies en functiebenamingen veranderen. Het heeft geen zin meer om hierop te registreren, want dit verandert voortdurend. We moeten ‘onderwater’ kijken, naar taken en competenties.”

 

Aanpassen infrastructuur

Wilthagen heeft een brede, internationale kijk op de arbeidsmarkt. En, zonder situaties elders te verheerlijken, is hij enthousiast over het Deense model. “In Denemarken draait alles om mobiliteit, worden werkenden van baan naar baan geholpen en wordt geïnvesteerd in permanente scholing. Nederland heeft deze infrastructuur niet. Integendeel, verlies je hier je baan, dan kom je inactief thuis te zitten met het risico dat de afstand tot de arbeidsmarkt alleen maar groter wordt. Dit kunnen we mijns inziens voorkomen door mensen direct te faciliteren in hun zoektocht naar ander werk. Gebruik hiervoor de laatste weken van een dienstverband. De focus is dan weg en mensen zijn nauwelijks nog productief voor de werkgever waarvan ze afscheid moeten nemen. We kunnen die tijd beter benutten om mensen de kans te geven een vervolgstap te zetten. De werkgever kan hieraan meebetalen. Door zebrapaden van werk naar werk te organiseren, voorkomen we dat mensen in een uitkering vallen en, belangrijk, blijft menselijk kapitaal voor de arbeidsmarkt behouden.”

 

Gezamenlijk organiseren

Kijkend naar de technische sector, constateert Wilthagen dat hier het besef gegroeid is dat er zuinig moet worden omgesprongen met technische talenten. Om ook in de toekomst over geschikte medewerkers te kunnen beschikken moet ingezet worden op werknemers die zich aanpassen aan nieuwe technieken en nieuwe technologieën. “Menselijk kapitaal moet synchroon lopen met deze ontwikkelingen. Medewerkers moeten hand in hand met robots het nieuwe tijdperk in lopen. Welke functies daarbij horen, weten we niet. Wel dat er bepaalde competenties nodig zijn. En ook dat die competenties meer door alle sectoren heen lopen. Kijk naar een automonteur. Een auto is inmiddels een computer op wielen. Een technicus die straks niets van software weet, heeft gegarandeerd een probleem. Daarom zal naar mijn idee sterk ingezet moeten worden op het ontwikkelen van competenties over sectoren en sectorfondsen heen. Daarbij is het achterhaald dat werknemers daarvoor afhankelijk zijn van hun werkgever. De Leerrekening is een goede oplossing, als onderdeel van vernieuwing van het scholingsstelsel. Het biedt werknemers, en wat mij betreft ook zzp-ers, de kans zich te ontwikkelen op een manier die bij hen past.”

 

Dit artikel is verschenen in de april editie 2018 van ons vakblad Vakkennis.